Datum uitspraak: 10 augustus 2026
Inhoudsindicatie: Gerechtvaardigd vertrouwen. Keuzemogelijkheden. Onherroepelijkheid. Informatieverstrekking. Hardheidsclausule.
De zaak in het kort: Verzoeker interpreteert de vragen op het aanvraagformulier voor zijn pensioen anders dan het fonds deze heeft bedoeld. Daardoor kiest hij onbedoeld voor uitruil van nabestaandenpensioen (PartnerPlusPensioen en ABP Nabestaanden pensioen; beiden partnerpensioen volgens de definities van de Pensioenwet) in (hoger) ouderdomspensioen. De consequentie is dat zijn partner na zijn overlijden geen nabestaandenpensioen (partnerpensioen) ontvangt als zij dan nog leeft. Verzoeker stelt dat hij dacht dat zij dan juist wèl partnerpensioen zou ontvangen. Nadat zijn ouderdomspensioen ingaat, ontvangt verzoeker twee uniforme pensioenoverzichten waarin een (mogelijk) nabestaandenpensioen staat. Daarom gaat verzoeker ervan uit dat hij het goed heeft geregeld. Als verzoeker na verloop van tijd opnieuw een uniform pensioenoverzicht ontvangt, staat daar geen nabestaandenpensioen voor zijn echtgenote op. Verzoeker vraagt het fonds om herstel. Het fonds vindt dat er sprake is van een rechtsgeldige keuze, die verzoeker maakte bij het aanvragen van zijn ouderdomspensioen. Daarom ziet het fonds geen mogelijkheid tot aanpassing van het pensioen, jaren na ingang van dat pensioen. Verzoeker is het daar niet mee eens en vraagt GIP te oordelen dat het nabestaandenpensioen wordt hersteld. De geschillencommissie wijst het verzoek af.
Volledige uitspraak:
Uitspraak in geschil 892