Datum uitspraak: 19 december 2025
Inhoudsindicatie: Abp-wet. Pensioenknip. Wet Privatisering ABP. Berekeningsmethode. Vaststelling pensioenrechten. Informatieverplichting. Hardheidsclausule.
De zaak in het kort: In de Abp-wet bestond de mogelijkheid om het pensioen uit verschillende periodes anders te berekenen. Dit kon gunstig zijn, bijvoorbeeld als iemand in deeltijd ging werken. In dat geval kon een zogenaamde 5%-knip in de diensttijd worden aangebracht. De deelnemer of zijn werkgever moest deze knip zelf aanvragen. In dit geval wist verzoeker niet dat dit moest. Bij de privatisering van ABP in 1996 is de Abp-wet ingetrokken en is het pensioenreglement daarvoor in de plaats gekomen. Dit reglement kent geen knipmogelijkheid. Verzoeker vraagt in 2023 alsnog om een knip en beroept zich op de hardheidsclausule van het pensioenreglement. Met deze clausule kan in uitzonderlijke situaties van het pensioenreglement worden afgeweken. ABP stelt dat de hoogte van de pensioenaanspraak in 1996 correct is vastgesteld en dat het geen knipmogelijkheid kan toepassen die niet (meer) in zijn pensioenreglement is opgenomen. De geschillencommissie is het daar in dit geval niet helemaal mee eens, maar wijst het verzoek toch af. De commissie vindt dat ABP wél een uitzondering had kunnen maken op het pensioenreglement, maar vindt ook dat de situatie van de indiener niet uitzonderlijk genoeg is om dat te doen.
Volledige uitspraak:
Uitspraak in geschil 528