Overlijdt u vóór uw pensioen? Dan krijgt uw partner alleen partnerpensioen als u op dat moment werkte bij een werkgever met een pensioenregeling. In sommige situaties loopt de dekking toch door. Hieronder leest u wanneer dat zo is.
Situatie 1: U heeft een nieuwe baan op het oog, maar begint nog niet meteen
Na het einde van uw baan loopt de dekking van het partnerpensioen nog drie maanden door. Dit staat in de wet. In sommige pensioenregelingen is dit verlengd tot maximaal zes maanden. Overlijdt u in deze periode? Dan krijgt uw partner partnerpensioen.
Belangrijk: controleer uw pensioenregeling op nabestaandenpensioen.
Situatie 2: U bent werkloos en ontvangt een WW-uitkering
Ontvangt u na het einde van uw baan een WW-uitkering? Dan heeft uw partner recht op partnerpensioen als u overlijdt. Dit geldt zolang u de WW-uitkering krijgt.
Situatie 3: U bent ziek en ontvangt een ZW-uitkering
Bent u ziek uit dienst gegaan en krijgt u een ZW-uitkering? Dan heeft uw partner recht op partnerpensioen als u overlijdt. Dit geldt zolang u de ZW-uitkering krijgt.
Belangrijk: Bewaar UWV-berichten om aan te kunnen tonen dat de dekking doorloopt.
Wat als…
Situatie 1 langer duurt
Zijn de drie of zes maanden voorbij en heeft u nog geen nieuwe baan? Dan kunt u ervoor kiezen om de dekking van het nabestaandenpensioen zelf te verlengen. Dit heet vrijwillige voortzetting. U betaalt deze voortzetting met een deel van uw opgebouwde pensioen. Hoeveel dit kost, hangt af van de hoogte van het partnerpensioen en van uw leeftijd. Hoe ouder u bent, hoe hoger de kosten. Uw pensioenfonds kan u hier meer over vertellen.
Belangrijk: Door vrijwillige voortzetting houdt u zelf minder pensioen over voor later.
Situatie 2 eindigt
Als uw WW-uitkering stopt, zijn er twee mogelijkheden: u gaat weer werken of u krijgt een bijstandsuitkering. Gaat u weer werken bij een werkgever met een pensioenregeling? Dan is het nabestaandenpensioen weer verzekerd. Krijgt u een bijstandsuitkering? Dan is het nabestaandenpensioen niet meer verzekerd. U kunt er dan voor kiezen om de dekking zelf te verlengen. Dit doet u bij het pensioenfonds waar u het laatst pensioen opbouwde.
Situatie 3 eindigt
Als uw ZW-uitkering stopt, zijn er twee mogelijkheden: u gaat weer werken of u krijgt mogelijk een WIA-uitkering. Gaat u weer werken bij een werkgever met een pensioenregeling? Dan is het nabestaandenpensioen opnieuw verzekerd via die regeling.
Krijgt u een WIA-uitkering? Dan kan het zijn dat (een deel van) uw nabestaandenpensioen verzekerd blijft via premievrije voortzetting. Dit hangt af van het pensioenreglement en is vaak gekoppeld aan de mate van arbeidsongeschiktheid.
Voor het deel dat niet meer verzekerd is, kunt u er soms voor kiezen om de dekking vrijwillig voort te zetten. Dit regelt u bij het pensioenfonds waar u het laatst pensioen opbouwde.
Belangrijk: Als u heeft gekozen voor vrijwillige voorzetting en wil dat dit stopt, moet u dat zelf aan het pensioenfonds doorgeven.
Vrijwillige voorzetting van de hele pensioenregeling
In sommige pensioenregelingen kunt u niet alleen het nabestaandenpensioen laten doorlopen, maar ook uw eigen pensioen. U blijft dan pensioen opbouwen. U betaalt hiervoor zelf de hele premie. Dus ook het deel dat eerst door uw werkgever betaald werd. Dit heeft voor – en nadelen. Voor meer informatie hierover verwijzen wij u naar uw pensioenfonds.
Geschilleninstantie Pensioenfondsen (GIP)
Als GIP kunnen wij niet nagaan of het voor u verstandig is om uw nabestaandenpensioen vrijwillig voort te zetten. Deze tekst is alleen bedoeld om u te wijzen op mogelijke onverwachte gevolgen.